SOLide - Home SOLide - Home  
Pjotr, titanium 3D printed pen

Since 1998

RapidPRO Innalox

Verminder het stoffelijk bezit om het milieu te sparen

Afgelopen woensdagavond bezocht ik een discussie met architect Thomas Rau in het Duurzaamheidscafé, een van de initiatieven van de Gemeente Dordrecht op het vlak van duur-zaamheid. Rau ontwierp het onderkomen voor de Duurzaamheidsfabriek, een onderdeel van het Dordtse Leerpark. In deze ‘fabriek’ gaan straks leerlingen, studenten, docenten en bedrijven samen projecten opzetten en kennis uitwisselen. Die projecten betreffen duurzaamheid in combinatie met de in Europees verband voor de regio Zuid-Holland-Zuid vastgestelde ‘speerpunten’, waaronder scheepsbouw.

Rau sprak echter nauwelijks over onderwijs. Hij had het vooral over materialen en het in zijn ogen ongebreidelde gebruik ervan. Wat hem enorm stoort, is dat de meeste producten aan het einde van hun leven nog altijd worden verbrand, terwijl de behoefte aan materialen groter is dan ooit tevoren. Het laatste is een gevolg van onder meer de toegenomen welvaart in Azië en Zuid-Amerika. Rau: “Materiaal is geld waard, dat verband je niet. Steeds meer afvalverwerkers hebben dat gelukkig door. Helaas hebben ze het zo goed door, dat ze geld vragen voor het innemen van afval én voor wat ze uit de ingenomen, afgedankte producten hebben gehaald. Dat hebben ze slim bekeken !” Rau vindt sowieso dat materialen gemakkelijker te scheiden moeten zijn. Dat past hij toe in zijn ontwerpen en hij zou dat graag ook meer elders toegepast zien, ook in consumentenproducten.

Interessanter is zijn visie op ‘eigendom’. Rau: “Als we minder hechten aan eigendom, zou dat heel veel helpen.” Als mensen genoegen nemen met de hoofdfunctie van een product, zou dat in heel andere bedrijfsmodellen kunnen resulteren, meent Rau. Daarin zouden bijvoorbeeld wasmachines gehuurd worden, waarbij de gebruiker voor de wasbeurten betaalt, dus voor het gebruik. Dan zouden de apparaten uiteindelijk teruggaan naar de producenten, die dan de door hen daarin verwerkte materialen zouden hergebruiken. Dat zou de producenten stimuleren duurzame producten te maken, in plaats van producten die na enkele jaren kapot gaan, om de simpelere reden dat zij daarmee hun voortbestaan veiligstellen.

Laat het bezit dus bij de producent, betoogde Rau. Niet al zijn toehoorders konden zich erin vinden: “Huur je een huis of koop je een huis ? Als je voldoende bemiddeld bent, koop je er een. Je bouwt daarmee vermogen op en het geeft je de meeste zeggenschap over je leefomgeving en grootste bezit.” Rau erkende dat het ene product er zich beter voor leent dan het andere.

Ikzelf denk dat alleen schaarste kan leiden tot verwezenlijking van het model van Rau. Zolang er geen schaarste is, blijven mensen verzamelen en hun bezit vergroten. Het deed me denken aan de pilot die later dit jaar zal plaatsvinden met de door mij ontworpen draagbare lantaarn (genomineerd voor de Rotterdamse Designprijs ’99). De pilot zal worden gehouden in Kameroen, als onderdeel van een project van de Wereldbank. Daar zullen niet lantaarns worden verkocht, maar branduren, waarvoor de gebruiker moet betalen met behulp van zijn mobiele telefoon, wat daar overigens veel gebruikelijker is dan hier. Een GSM module in de lantaarn zal informatie uitwisselen over het verbruik en de door de gebruiker aangeschafte ‘credits’.

De aanleiding voor deze pilot met een dit concept betreft echter niet duurzaam materiaalgebruik, liet Ronald Nijland, mijn vroegere werkgever, me een dag later weten. Waar het om gaat, is dat bij microfinanciering het niet meevalt de verleende financiering op enig moment terug te vorderen. Bij het bedrijfsmodel dat gaat worden onderzocht, blijft het eigendom bij één partij. En mocht die partij zijn product niet terugkrijgen, dan houdt hij de door de consument vooraf betaalde borg.

Kortom, hoewel het idee van Rau sympathiek klinkt, is de verwezenlijking ervan nog niet waarschijnlijk. Daarvoor moet er meer schaarste zijn. Liever niet !